Internetvaardigheden kunnen beter
Jongeren doen het niet beter dan ouderen
23 augustus 2009
Europees doen de Nederlanders het op Internet best aardig. Toch zijn hun vaardigheden niet optimaal. Ook veel jongeren raken online de weg kwijt.
Jongeren lijken veel handiger op internet dan ouderen, omdat ze niet bang zijn voor de computer. Toch weten veel jongeren niet hoe ze goed gebruik maken van digitaal aangeboden diensten, zo blijkt uit onderzoek van de Twentse promovendus Alexander van Deursen. Ook jongeren hebben veel moeite met het vinden van de informatie die ze zoeken.
Zoekwoorden
Zowel ouderen als jongeren hebben grote moeite met het bedenken van trefwoorden die worden gebruikt in zoekmachines, zoals Google. Van Deursen constateert dat veel surfers maar één of te algemene zoekwoorden ingeven, zodat zij nauwelijks relevante resultaten krijgen. Ook kijken ze vooral naar de eerste drie resultaten van de zoekactie en wordt niet stilgestaan bij de bron van de informatie.
De onderzoeker adviseert de overheid om burgerzaken niet alleen via het internet te laten regelen. "Zeker bij complexe zaken willen mensen met een deskundige kunnen praten."
Om succesvol te zijn op internet zijn alleen goede randvoorwaarden niet voldoende. Er is meer nodig, betoogt Van Deursen. Voor het onderzoek bij meer dan honderd proefpersonen keek Van Deursen naar vier typen internetvaardigheden: het bedienen van de browser, het navigeren en oriënteren op internet, het zoeken, selecteren en evalueren van informatie, en het gebruiken van gevonden informatie om een doel te bereiken. Vooral op de twee laatste vaardigheden scoorden jong en oud relatief laag. Scholing blijkt belangrijker dan leeftijd: hoe hoger het opleidingsniveau, hoe beter de vaardigheden.
Zie ook:
- Oud én jong onhandig op internet, Trouw, 5 augustus 2009
- 'Jongeren raken online de weg kwijt, Nu.nl. 5 augustus 2009
Dit nieuwsbericht is geplaatst door Pieter Verrips




